artikel

Achterstallig onderhoud

Wetgeving

Bij het onderzoek kwam vast te staan dat het bedrijf op de hoogte was van de problemen met de pas gekochte nieuwe vrachtwagen. Eerder waren ook bij andere wagens al beschadigingen aan de vloerstrips en bovenrail ontdekt.

 

Er werd vastgesteld dat de sluisdeurconstructie niet deugdelijk was. De bovengeleiding en het stripprofiel raakten na een korte gebruiksduur versleten. Hierdoor kon de deur niet worden opengemaakt en bediening door de joystick was praktisch onmogelijk. Het bedrijf was bezig de sluisdeuren van de wagens te modificeren: men bracht een sterkere bovenrail aan, betere looprollen en dikkere vloerstrippen.

 

Het probleem was echter dat het bedrijf telkens wachtte tot zich problemen voordeden alvorens het overging tot reparatie en herstel. Bovendien werden de directe gebruikers, de chauffeurs en de bijrijders, niet ingelicht, hoewel de technische dienst goed op de hoogte was van de constructiefouten.

 

Voor arbeidsplaatsen is artikel 3.2 van de Arbowet van toepassing. De overtreding van de leden 1 en 3 van dit artikel werd als beboetbaar feit in het boeterapport opgenomen. ‘De arbeidsplaatsen zijn veilig toegankelijk en kunnen veilig worden verlaten. Ze worden zodanig ontworpen, gebouwd, uitgerust, in bedrijf gesteld, gebruikt en onderhouden, dat gevaar voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers zoveel mogelijk is voorkomen.’ Lid 2 bepaalt dat regelmatig wordt gecontroleerd of de voorzieningen op de arbeidsplaatsen adequaat functioneren en lid 3 bepaalt: ‘De geconstateerde gebreken worden zo snel mogelijk hersteld’.

 

Het boetebureau legde het bedrijf een boete van ruim vierduizend euro op.

 

Reageer op dit artikel