Onverwijld

Onverwijld

De hagel en regen striemden recht in mijn gezicht. Ik was halverwege een hardlooprondje en dacht: ‘Ik moet onverwijld naar huis’.

Wij tegen het soepie!

Wij tegen het soepie!

Dat gilde je op het schoolplein, terwijl je je vastklampte aan gelijkgestemden. Iedereen die niet was aangehaakt, hoorde bij het soepie. Geen idee...