Veiligheidskundigen moeten beter leren schaken!

Veiligheidsmanagement is net schaken. Als veiligheidskundig expert moet je weten hoe je het spel speelt. Je ‘tegenstander’ kennen en anticiperen op zijn zetten. Dat is het spel van factoren dat bepaalt of een risico beheerst wordt of ontaardt in een ongeluk of ramp.

Dat spel was de rode draad tijdens het NVVK-congres 2021, dat door zo’n 600 deelnemers via de digitale snelweg werd gevolgd. Zij zagen een boeiende paneldiscussie rond vier stellingen. Die stellingen legden dilemma’s voor de veiligheidskundige praktijk bloot. Zoals over de economische waarde van veilig werken, grenzen aan veiligheid, privatisering van inspecties en de impact van de coronacrisis op het veiligheidsbewustzijn.

Verderop in dit artikel: Veiligheid als economische waarde

Coronacrisis als leidend thema

De coronacrisis drukt nog altijd zijn stempel op de samenleving en ook op de veiligheidskundige praktijk. Het was logischerwijs een van de leidende thema’s in de paneldiscussie in de aula van de TU Delft, geleid door wetenschapsjournaliste Karlijn Meinders. Veiligheidsexperts Viola van Guldener (teamcoach), Ian Leistikow (Inspectie Gezondheidszorg), Tamara Onos (arbeidshygiëniste/auteur), Jesper Schuts (Young NVVK), Floor Vermeulen (gedeputeerde Provincie Zuid-Holland) en Marcel Zeelenberg (sociaal psycholoog), kwamen tot leerzame inzichten.

Een expertpanel boog zich over vier prikkelende stellingen.
Een expertpanel boog zich over vier prikkelende stellingen.

Nood breekt letterlijk wetten

Van de coronacrisis kan de B.V. Nederland veel leren. Beroepsgroepen binnen en buiten de zorg, maar ook beleidsmakers en toezichthouders. Zoveel bleek uit de discussie op de stelling dat COVID-19 het veiligheidsbewustzijn blijvend heeft veranderd. De les die Ian Leistikow uit de coronacrisis heeft geleerd, is dat nood letterlijk wetten breekt en dat inspectiediensten wellicht op een andere manier moeten gaan kijken naar kwaliteits- en veiligheidswaarborgen.

Ian Leistikow: “Tijdens de coronacrisis moesten we bepaalde regels noodgedwongen loslaten.”
Ian Leistikow: “Tijdens de coronacrisis moesten we bepaalde regels noodgedwongen loslaten.”

“Toezichthouders kijken vooral naar compliance. Maar in deze crisis hebben we regels noodgedwongen losgelaten. We hebben bijvoorbeeld mensen toegelaten tot de zorg die niet BIG-geregistreerd waren. En er zijn medische apparaten tot de markt toegelaten zonder CE-keurmerk.

Begrip voor omgaan met onzekerheid

Belangrijker dan streng kijken naar hoe goed instellingen aan de regels voldoen, is misschien wel dat ze een goed verhaal hebben waarom ze níet aan de regels voldoen. We hebben meer begrip en inzicht gekregen in onderliggende bekwaamheid van organisaties om om te gaan met onzekerheden. Die veerkracht is belangrijk, want reken maar dat er in de toekomst nog meer gezondheidscrises op ons pad komen.

Meer aandacht voor psychisch welzijn

Een andere ervaring is dat corona heeft geleid tot veel meer aandacht voor het psychisch welzijn van medewerkers in de zorg. Zij stonden immers onder zeer grote druk! “Dat mag van zeker een aspect met blijvende impact zijn in de zorgsector.”

Floor Vermeulen: “Verschil tussen wat een bedrijf belangrijk vindt en wat de samenleving belangrijk vindt.”
Floor Vermeulen: “Verschil tussen wat een bedrijf belangrijk vindt en wat de samenleving belangrijk vindt.”

Vergeet andere risico’s niet

Floor Vermeulen stelt vast dat een actuele crisis per definitie sterk het veiligheidsbewustzijn bepaalt, maar hij vraagt zich af of de huidige maatschappelijke en professionele focus op corona wel proportioneel is. “We zijn ons nu meer bewust van gezondheidsrisico’s, maar hebben andere risico’s minder op het netvlies. Dus we gaan niet oplettender de deur uit met oog voor andere risico’s.”

Marcel Zeelenberg vult aan dat veranderen, gedreven door gebeurtenissen en omstandigheden, in de aard van mensen zit. Maar in blijvende grootschalige gedragsaanpassingen als gevolg van de grote impact van corona, gelooft hij niet zo. “Er zijn in de geschiedenis zoveel grote crises geweest, waarvan de maatschappij riep: ‘dit nooit meer.’ Maar de geschiedenis heeft toch de neiging zich te herhalen. De mens an sich verandert niet dramatisch door de confrontatie met crises.”

Te veel veiligheid?

Van geheel andere orde waren twee stellingen in elkaars verlengde over de ‘waarde’ van veiligheid. Is veilig werken voor bedrijven economisch onaantrekkelijk? En bestaat er ook zoiets als tevéél veiligheid? Daardoor kan immers onoplettendheid en dus juist extra risico ontstaan.

Marcel Zeelenberg: “Een hoog veiligheidsniveau laat toe dat je minder alert bent op gevaar.”
Marcel Zeelenberg: “Een hoog veiligheidsniveau laat toe dat je minder alert bent op gevaar.”

Marcel Zeelenberg ziet dat laatste risico niet zo. Het lijkt hem een heerlijk idee dat producten zo veilig worden gemaakt dat ze geen gevaar meer opleveren en je daar dus niet meer continu bij stil hoeft te staan. “Hoe moeilijk wordt het anders als je een zelfsturende auto hebt? Maar je volgens de regels wel continu oplettend moet blijven of het goed gaat? Dan kun je het stuur net zo goed in je hand houden. Een hoog veiligheidsniveau dat toelaat dat je minder alert bent op gevaar, geeft een comfortabel gevoel. Maar het moet wel veilig genoeg zijn. APK is een goed voorbeeld. Doordat mijn garage één keer per jaar de hele technische veiligheid van de auto checkt hoef ik mij niet zelf voortdurend af te vragen: is mijn auto wel veilig?”

Jesper Schuts: “Een veilige en gezonde werksituatie bevordert ook de productiviteit van het bedrijf.”
Jesper Schuts: “Een veilige en gezonde werksituatie bevordert ook de productiviteit van het bedrijf.”

Wel alert blijven op de eigen rol

Jesper Schuts ziet wel een risico. Hij vreest dat, wanneer veiligheid voor honderd procent wordt genormeerd en gereguleerd, mensen niet meer weten hoe ze moeten handelen als er iets afwijkt van die norm. Dus een veilige werk- en leefomgeving creëren is goed. Maar mensen moeten altijd alert blijven op hun eigen rol in die veilige omgeving. Ter illustratie noemt hij de luchtvaartsector. Een heel veilige werkomgeving met strenge normen en regels en veel automatische veiligheden. Toch worden mensen tot het uiterste opgeleid en getraind om te handelen in noodsituaties.

Harde randvoorwaarden voor PBMbeleid

Tamara Onos belicht de vraag vanuit haar vakgebied arbeidshygiëne. “Ik denk dan aan adembescherming en andere persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM). Als je werknemers volledig inpakt tegen elke invloed van gevaarlijke stoffen, is het gevaar dat mensen er te zwaar op gaan vertrouwen. Je moet het PBMbeleid wel goed onderhouden met harde randvoorwaarden voor goed gebruik.

Tamara Onos vindt dat commerciële motieven niet leidend mogen zijn voor de inhoud van inspectie en onderzoek.”
Tamara Onos vindt dat commerciële motieven niet leidend mogen zijn voor de inhoud van inspectie en onderzoek.”

Veiligheid wordt schijnveiligheid of papieren werkelijkheid

De conclusie is dat je van veiligheid ook teveel kan hebben

Ian Leistikow herkent het dilemma ook vanuit de geneeskunde. Met als voorbeeld de chirurgie. Daar hebben kijkoperaties de traditionele grote ‘snij-operaties’ vervangen. Dat is veiliger voor de patiënt, maar het leidt wel tot afvlakking van de vakbekwaamheid omdat chirurgen nog maar zelden grote open operaties uitvoeren. Daarnaast heeft ook de invoering van time-outs en dubbelchecks bij operaties een keerzijde. Teveel dubbele veiligheden kunnen bij medische professionals leiden tot de aanname dat ‘een ander er al naar gekeken heeft’. Zo kunnen onvermijdelijk fouten de operatiekamer in sluipen. De conclusie is dus dat je van veiligheid ook teveel kan hebben. Daardoor wordt het schijnveiligheid of een ‘papieren werkelijkheid’.

Veiligheid als economische waarde

De stelling dat veilig werken economisch onaantrekkelijk is, blijkt in ieder geval niet op te gaan voor de geneeskundige sector. Ian Leistikow: “In de gezondheidszorg is het juist wel aantrekkelijk. Als je het niet goed doet, krijg je complicaties die veel geld kosten en grote gevolgen hebben voor slachtoffers. Er zit wel een maximum aan wat we kunnen bereiken aan efficiëntie en veiligheid. Geld is daarin leidend. Er zijn in de zorg weinig prikkels om niet veilig te werken.”

Veilig werken bevordert de motivatie en het welzijn

Jesper Schuts denkt dat dat voor andere bedrijfstakken ook kan gelden. Want in zijn ogen bevordert veilig werken de motivatie en het welzijn van werknemers. En daarmee ook de productiviteit. Een win-winsituatie dus voor bedrijven, die als veilige werkgever ook hun imago nog kunnen oppoetsen. Maar dan moeten bedrijven wel de daad bij het woord voegen, betoogt Viola van Guldener. Want of bedrijven veiligheid daadwerkelijk belangrijk vinden, blijkt een kwestie van interpretatie. Die kan bij het management anders zijn dan op de werkvloer. Zo blijkt uit een internationaal onderzoek naar de beleving van veiligheid binnen bedrijven, dat zij aanhaalt.

Viola van Guldener vindt een grotere onafhankelijkheid van inspectiediensten een goede zaak.
Viola van Guldener vindt een grotere onafhankelijkheid van inspectiediensten een goede zaak.

Als opdrachtgever voor grote infrawerken is ook gedeputeerde Floor Vermeulen alert op de veiligheidsprestaties van bedrijven die voor de provincie werken. Hij ziet veel goede voorbeelden, maar ook zaken die fout gaan. Dan zijn soms dwangsommen of andere juridische gevolgen onvermijdelijk. “Ik constateer dat er verschil is tussen wat een bedrijf belangrijk vindt en wat de samenleving belangrijk vindt. Als je veiligheid als ‘spel’ ziet, dan is het goed dat er een overheid is die in dat spel streng optreedt als scheidsrechter.”

Privatisering inspectiediensten

Inspectiediensten zoals de Inspectie SZW en de Inspectie voor de gezondheidszorg, zijn een vertaling van die scheidsrechtersrol. Gaat dat eigenlijk goed onder de vleugels van de beleidsdepartementen? Of zou het vanuit kwaliteitsoogpunt beter zijn de inspecties te privatiseren? De meningen zijn verdeeld.

Tamara Onos en Ian Leistikow waarschuwen voor een structuur waarin geld van commerciële partijen bepalend wordt voor de inhoud van onderzoeken en inspecties. Daar is de burger niet bij gebaat en voor de veiligheid, gezondheid en welzijn van die burger doen we het toch allemaal?

Bij privatisering hoort budgettering en quota

Leistikow ziet wel een probleem opdoemen. Bijvoorbeeld als na aanbesteding en het sluiten van het contract, discussie ontstaat over de vraag of een onderzoeksvraag wel of niet gedekt wordt door het contract. “Bij privatisering krijg je waarschijnlijk te maken met budgettering en quota, zoals een maximaal aantal inspecties en rapporten per jaar. De inspectie stuit echter vaak op veiligheidsvraagstukken waaraan we moeilijk productieparameters kunnen koppelen voor betaling. Dit zijn soms ingewikkelde vraagstukken, waarvoor je met onderzoek de diepte in moet. Dergelijke onderzoeken kosten tijd en geld. Maar niemand gaat dat betalen in een geprivatiseerd systeem met harde prestatieafspraken. Daarom is het goed dat we met geld van de belastingbetaler goed en zorgvuldig naar zaken kunnen kijken. En de bron van problemen en oplossingen op te sporen.”

Een grotere onafhankelijkheid van inspecties van de departementen waaronder ze nu vallen, zou volgens Vermeulen wel een goede zaak zijn. Zo voorkom je problemen door beperkte departementale budgetten. En dan zijn er nog alternatieven op de grens van publiek en privaat denkbaar.

Viola van Guldener wijst op het Engelse HSE-toezicht op de risico-industrie (Seveso/Brzo). Dat toezicht wordt betaald door de bedrijven zelf en wordt aangestuurd door een gezamenlijke board van overheid, bedrijven en vakbonden. Zo’n tussenvariant zou volgens haar heel goed kunnen werken in de Nederlandse inspectiepraktijk.

De slager moet nooit zijn eigen vlees keuren

Marcel Zeelenberg ziet het Nederlandse toezichtstelsel op financiële instellingen als voorbeeldfunctie. De slager moet nooit zijn eigen vlees keuren. Dus is de AFM in het leven geroepen als toezichthouder. Instellingen dragen geld af aan de AFM om dit toezicht te bekostigen. En de autoriteit functioneert grotendeels onafhankelijk van de overheid. Zo’n type autoriteit als inspectiedienst voor veiligheid is best denkbaar.

Workshop ‘spelen met gedrag’ van Marius Rietdijk
Workshop ‘spelen met gedrag’ van Marius Rietdijk

Serieus spel

Na een middagprogramma met zes workshops, sluit Karlijn Meinders het congres af. Zij heeft een vraaggesprek met universitair docent Jop Groeneweg over het schaakspel in het openingsfilmpje: een metafoor voor het veiligheidsdomein. Ook veiligheid is een spel, betoogt Groeneweg. Maar wel een spel dat altijd eindigt in remise. Want de inzet van alle veiligheidsprofessionals moet erop zijn gericht om zo goed mogelijk te worden in het spelen van het spel van de veiligheid. Kort samengevat: we moeten met zijn allen beter leren schaken!

Een mening die aansluit bij die van de panelleden. Veiligheid is een serieus spel. Het daagt de spelers uit om het beste van zichzelf te ontplooien in de ‘strijd’ voor een veilige leefomgeving. Een spel dat eigenlijk geen ‘verliezers’ zou mogen kennen. Ambitie als grondslag voor te bereiken doelen zou daarom meer leidend moeten zijn dan ‘competitie’. Die ambitie moet volgens Jop Groeneweg zijn: investeren in spelkennis en vaardigheid. Dat levert in de praktijk van het veiligheidskundige vak later winst op.

NVVK

De Nederlandse vereniging voor veiligheidskunde heeft als missie om voor haar leden hét expertisecentrum voor veiligheidsvraagstukken in Nederland te zijn. De leden van de NVVK hebben toegang tot een online kennisportal met vakinformatie voor veiligheidsprofessionals. Meer informatie is hier te vinden.

Live fysiek event in 2022

Het online NVVK-congres kende 600 deelnemers. Het liet zien dat de veiligheidskundige gemeenschap de flexibiliteit heeft om zich aan te passen aan de exceptionele omstandigheden van de coronapandemie. Maar NVVK-voorzitter Kees Roelofs en congrescommissievoorzitter Frank Guldenmund hopen wel dat het volgende congres weer gewoon fysiek kan plaatsvinden. Want, het live fysiek netwerken met elkaar is van wezenlijk belang voor instandhouding van het netwerk van vakgenoten en kennisoverdracht, zo zeiden zij bij de start van het programma. Kees en Frank blikken hoopvol vooruit naar 2022. Dan viert de NVVK zijn 75-jarig jubileum. Hopelijk met een groots feestprogramma voor alle NVVK-leden.

Verslag door Rob Jastrzebski

TIP: Collegereeks Bedrijfskunde voor arboprofessionals

In deze collegereeks laten zes hoogleraren en een praktijkspreker u zien hoe u arbo als middel inzet om primaire bedrijfskunde te voeren en uw invloed binnen de organisatie te verhogen. U ontwikkelt zich daarbij tot een arbobusinesspartner met een stevig bedrijfskundig inzicht. In een kort tijdsbestek voegt u met uw arbobeleid meer economische waarde aan de organisatie toe.
Bekijk het programma samen met Nyenrode.

Dit vind je misschien ook interessant